FAQ items aan het laden...
Asielrecht2021-02-17T08:47:41+01:00

Asielrecht


Een asielzoeker heeft in Nederland recht op gratis rechtsbijstand. Dit is geregeld in de Wet op de Rechtsbijstand en wordt georganiseerd door de Raad voor Rechtsbijstand. Voor aanvang van de procedure wordt er een advocaat toegewezen die de asielzoeker op de procedure voorbereidt, tijdens de procedure begeleidt en rechtsmiddelen instelt als dat nodig is. Het is ook mogelijk om een advocaat naar eigen keuze in te schakelen of om tijdens de procedure van advocaat te wisselen indien u dat om één of andere reden wenst.

Asielrecht advocaat Utrecht

Pieters Advocaten heeft jarenlange ervaring op het gebied van het asielrecht. Pieters Advocaten staat asielzoekers uit landen van de hele wereld bij, zoals Syrië, Somalië, Afghanistan, Irak en Venezuela en uit de zogenoemde ‘veilig land van herkomst’-landen, zoals Rusland, India en Jamaica.

Voor meer informatie klikt u op onderstaande gebieden.

Asielprocedure2020-08-04T16:54:35+02:00

De asielprocedure is neergelegd in de Vreemdelingenwet, het Vreemdelingenbesluit en de Vreemdelingencirculaire, die in overeenstemming moeten zijn met Europese richtlijnen en het Vluchtelingenverdrag.

De Algemene Asielprocedure (AA) duurt acht dagen. Alle proceshandelingen vinden plaats op één van de Aanmeldcentra. Voorafgaand aan de procedure wordt de asielzoeker door een advocaat voorbereid op de procedure.

De procedure ziet er als volgt uit:

  • Dag 1: Indiening aanvraag ingediend en eerste gehoor
  • Dag 2: Gesprek tussen de advocaat en de asielzoeker
  • Dag 3: Nader gehoor over de motieven van het asielverzoek
  • Dag 4: Opnieuw een gesprek met de advocaat om het gehoor na te bespreken
  • Dag 5: De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) beslist over het asielverzoek (inwilliging of afwijzing)
  • Dag 6: Bij afwijzing, wordt er eerst een voornemen uitgebracht, waarop de advocaat namens de asielzoeker op ‘Dag 6’ een schriftelijke zienswijze mag geven
  • Dag 7: Definitieve besluit
  • Dag 8: Bij een negatief besluit, moet de advocaat uiterlijk de volgende dag beroep instellen bij de rechtbank

Dat beroep wordt binnen vier weken behandeld door de rechtbank en mag in Nederland worden afgewacht. Tegen een afwijzende beslissing van de rechtbank kan hoger beroep worden ingesteld bij de Raad van State.

Het kan ook zijn dat er meer onderzoek nodig is om op het asielverzoek te beslissen, zoals documenten onderzoek of medisch onderzoek. In dat geval wordt de zaak doorverwezen naar de Verlengde Asielprocedure (VA) en is de beslistermijn zes maanden.

De asielverzoeken uit ‘veilige’ landen van herkomst worden in een verkorte procedure behandeld. Hier geldt een zwaardere bewijslast dan in de AA of VA: er moet worden bewezen waarom er wel vrees voor vervolging is, terwijl het land van herkomst als ‘veilig’ wordt beschouwd. Uitzondering hierop zijn bepaalde (minderheids)groepen.

Beoordeling IND2020-08-04T16:54:44+02:00

De IND beoordeelt eerst de geloofwaardigheid van de verklaringen om vervolgens de zwaarwegendheid van het asielverzoek te toetsen, dit doen zij op grond van Werkinstructie 2014/10.

Beoordeling geloofwaardigheid

Bij de beoordeling van de geloofwaardigheid is het allereerst van belang dat de asielzoeker over voldoende documenten beschikt waarmee hij of zij zijn reisroute, identiteit en nationaliteit kan aantonen. Indien deze documenten er niet zijn, is het van belang om te proberen deze documenten zo snel mogelijk uit het land van herkomst te laten overkomen. Als dat niet gaat, moet daarvoor een goede verklaring zijn en moet het asielverhaal overtuigend zijn.

De IND onderzoekt of de asielzoeker geen tegenstrijdige verklaringen aflegt (consistent is) en of het verhaal gedetailleerd is. Soms is het voor een asielzoeker moeilijk het verhaal goed te vertellen, omdat hij of zij getraumatiseerd is door verschillende ervaringen. De advocaat kan dan door een arts van het Instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek IMMO) laten vaststellen of de asielzoeker in staat was om zijn verhaal te doen. In sommige gevallen betekent dit dat de procedure moet worden uitgesteld totdat de asielzoeker tot rust is gekomen.

Voorts beoordeelt de IND of het vluchtverhaal overeenkomt met landeninformatie die over het betreffende land beschikbaar is. Voor dat doel worden er ambtsberichten opgesteld door het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Advocaten halen hun informatie ook vaak uit andere bronnen, zoals Amnesty International, Human Rights Watch en UNHCR.

Beoordeling zwaarwegendheid

Als de IND de verklaringen van de asielzoeker geloofwaardig acht, wordt beoordeeld of er reden is om bescherming te verlenen op één van de gronden genoemd in het Vluchtelingenverdrag en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Deze bescherming is tegen de autoriteiten van het land van herkomst, indien zij de daders van vervolging zijn, maar ook in het geval van medeburgers en andere actoren waartegen de overheid van het land van herkomst niet kan of wil optreden.

De hierboven genoemde gronden zijn onder te verdelen in:

  • Ras (etniciteit) of nationaliteit;
  • Godsdienst;
  • Politieke overtuiging;
  • Behoren tot een bepaalde sociale groep, zoals:
    • Vervolging vanwege seksuele oriëntatie en/of gender identiteit (SOGI);
    • Vervolging vanwege gender (bijvoorbeeld vrees voor besnijdenis of huiselijk geweld).
  •  (Subsidiaire) bescherming in situaties van:
    • Gegeneraliseerd geweld of ernstige verstoring van de openbare
Vluchtelingenstatus2020-08-04T16:55:05+02:00

Een vluchteling is iemand die zijn of haar land van herkomst ontvlucht vanwege een gegronde vrees voor vervolging en de overheid in eigen land kan of wil geen bescherming bieden tegen deze vervolging. De vervolging is gelinkt aan een of meerdere van de volgende gronden.

Vervolging vanwege etnische afkomst (de gronden ras en nationaliteit)

Het behoren tot een bepaalde etnische groep kan grond zijn voor vrees voor vervolging. Volgens het Nederlandse beleid wordt dit niet snel aangenomen. Wel wordt voor sommige groepen aangenomen dat zij minder bewijs hoeven te leveren dat zij bij terugkeer naar het land van herkomst gevaar lopen: de kwetsbare minderheidsgroep.

Godsdienst (bekeerlingen)

Een religieuze overtuiging kan in bepaalde landen een reden voor vervolging zijn. Die aanleiding bestaat ook indien een persoon onvoldoende in staat is om uitdrukking te geven aan zijn religieuze overtuiging zonder te hoeven vrezen voor (ernstige) represailles. Bij bekeringszaken besteedt de IND veel aandacht aan de geloofwaardigheid van de bekering en kijkt daarbij zowel naar het proces van de bekering als de feitelijke kennis van de asielzoeker.

Politieke overtuiging

Vrees voor vervolging door de autoriteiten vanwege politieke activiteiten is een grond voor bescherming. Er kan ook een grond voor bescherming zijn als de asielzoeker in Nederland politiek actief is geworden en deze activiteiten bekend zijn bij de autoriteiten van het land van afkomst: réfugié sur place.

Behoren tot een bepaalde sociale groep: SOGI (LHBTIQ+) en vrouwen

In de Europese definitierichtlijn is neergelegd dat onder daden van vervolging ook zijn begrepen daden van genderspecifieke aard. Bovendien is in de Europese definitierichtlijn LHBTIQ+ als vervolgingsgrond opgenomen.Vrouwen kunnen diverse redenen hebben om te vluchten uit het land van herkomst, zoals eerwraak, (huiselijk en seksueel) geweld en besnijdenis. Dit kan zowel tijdens of buiten oorlogstijd zijn. Onder deze grond, vallen ook vrouwen die zich niet gedragen volgens, of zich niet houden aan de geldende normen in het land van herkomst en hierdoor een vrees voor vervolging hebben.

Herhaalde asielaanvragen (HASA)2020-08-04T16:55:14+02:00

Er kunnen zich soms goede redenen voordoen om een nieuw asielverzoek in te dienen, nadat een asielverzoek al is afgewezen en de asielzoeker is uitgeprocedeerd. Er moet dan sprake zijn van nieuwe feiten en omstandigheden (nova), die eerder niet aan de orde konden komen. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om nieuwe bewijsstukken die eerder niet beschikbaar waren, of om nieuwe ontwikkelingen in het land van herkomst of het land van toevlucht. Ook een wetswijziging of wijziging van beleid kan aanleiding zijn om een HASA in te dienen.

Artikel 1F Vluchtelingenverdrag2020-08-04T16:55:23+02:00

Pieters Advocaten houdt zich ook bezig met Artikel 1F-zaken. Artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag bepaalt dat een vluchteling kan worden uitgesloten van bescherming als hij of zij zich schuldig heeft gemaakt aan ernstige mensenrechtenschendingen, oorlogsmisdrijven, of een ernstig, niet politiek misdrijf heeft begaan buiten het land van toevlucht en voordat de dader in Nederland asiel heeft aangevraagd. Of hiervan sprake is, is vaak onderwerp van discussie.

Opvang2020-08-04T16:55:30+02:00

Tijdens de asielprocedure heeft de asielzoeker recht op opvang. Als de aanvraag van de asielzoeker is afgewezen, houdt het recht op opvang vier weken na het nemen van de beslissing op. Het recht op opvang blijft bestaan als het beroep gegrond is verklaard, of de rechter een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen de dreigende uitzetting heeft toegewezen.

De Nederlandse rechter heeft bepaald dat minderjarige kinderen en hun ouders niet uit de opvang mogen worden gezet. Gezinnen die uitgeprocedeerd zijn of hun procedure niet in Nederland mogen afwachten, kunnen worden opgevangen in een Gezinslocatie. Ook is door de rechter bepaald dat sommige kwetsbare personen recht kunnen hebben op een vorm van opvang.

Pieters Advocaten kan u bijstaan in zaken waarin onterecht geen (passende) opvang wordt geboden of deze wordt beëindigd.

Dublin2020-08-04T16:55:37+02:00